De Tanzaniaanse shilling

Nog steeds siert de beeltenis van Julius Nyerere een Tanzaniaans bankbiljet, uitgegeven in 2011, al moet hij wat ruimte maken voor extra nullen in vergelijking tot het gedrukte geld in de jaren tachtig van de vorige eeuw.

100 shilling in 1985

100 shilling in 1985

Bestreken de coupures toentertijd de bedragen 5 tot 100 shilling, waarbij elk type biljet gesierd werd met de fiere blik van Mwalimu (de leraar, Nyerere dus), tegenwoordig heeft hij (1000) ook concurrentie van een leeuw (2000), een neushoorn (5000) en een olifant (10000). Maar het allerbelangrijkste verschil tussen toen en nu is echter dat het wisselen tegenwoordig gewoon bij de bank kan gebeuren en dat je niet op straat achtervolgd wordt door sissende Indiërs die dikke pakken biljetten aanbieden, waar bij de sisklank mooi allitereert met naam van de Tanzaniaanse munteenheid.

Hoe is dat zo gekomen?

De economische situatie in Tanzania was zo’n twintig jaar na de onafhankelijkheid alarmerend; er waren allerlei handelsrestricties en een stringent prijsbeleid, er was niets te krijgen en er was geen groei, integendeel, het bruto binnenlands product liep gewoon hard achteruit. Nu moet gezegd dat Tanzania niet het enige land in Afrika was dat achteruitgang kende na de onafhankelijkheid, met het midden van de jaren tachtig als dieptepunt, toch bleek met name het (overigens goedbedoelde) beleid van Nyerere na zijn befaamde Verklaring van Arusha in 1967 desastreus. Dit leidde tot een bloeiende zwarte markt en een zogenaamde parallelle wisselkoers die het vijf- tot zesvoudige was van de officiële koers. De inflatie schoot omhoog en was lang rond de 30%.

De nominale en parallelle wisselkoers

De nominale (blauw) en parallelle (geel) wisselkoers

De ommekeer van het beleid kwam in 1986. Heel geleidelijk is de economie hervormd, in verschillende fasen met ook in 1992 de invoering van de Foreign Exchange Act, die onder meer toestond dat Tanzaniaanse burgers buitenlandse valuta mochten hebben en een vrije verkoop ervan mogelijk maakte. De shilling werd voortdurend door de regering gedevalueerd totdat het verschil met de zwarte koers in augustus 1993 verdwenen was.

Bron: IMF